Ik wou vluchten, maar ik kon nergens heen

Andrieszaterdag 20 maart 2021 21:39

Andries van Gemerden, fractievoorzitter van ChristenUnie-SGP, gaat regelmatig een column schrijven voor Zwijndrecht.net. In zijn eerste column schetst Andries de kwetsbaarheid en vervreemding die de coronacrisis met zich meebrengt. Als reactie roept de politicus op tot menslievendheid, die met ontmoetingen begint.

Door Gemerden, A. (Andries) van [386713]

Ik wou vluchten, maar ik kon nergens heen
De titel van deze column is misschien wat we voelen in deze corona-tijd. Wanneer houdt de crisis op? Wat hebben we over voor elkaar in deze tijd? Offeren we vrijheid op voor elkaar? Gunnen we elkaar nog ruimte? Wat is de uitvlucht uit deze situatie? Over de echte vluchtelingproblematiek zei rabbijn Evers eens: “De vluchtelingenproblematiek is uiteindelijk de vraag naar onze gastvrijheid en offervaardigheid naar redelijkheid en billijkheid”. Die stelling gaat ook grotendeels op voor deze bijzondere corona-tijd, hoe we ook over de crisis en de maatregelen denken.

Dankbaar tijdens kwetsbare momenten
De meesten van ons kennen in ons eigen leven het vluchtelingschap niet. Misschien kennen wij het vluchtelingschap in afgezwakte vorm. Als je bijvoorbeeld na huwelijksproblemen of het verlies van je huis onderdak mag vinden bij bekenden, een vriend of een vriendin, dan ervaar je iets van wat gastvrijheid kan betekenen. Als je in een ernstige ziekte thuis niet meer kunt zijn, maar toch ergens een geopende deur vindt: op dat moment ervaar je grote dankbaarheid tegenover het gevoel van kwetsbaarheid. Met die situaties hebben we vaker te maken en herkennen we ook als gemeenteraadsleden.

Samen leven
Zeker met de huidige corona-situatie voelen we ons kwetsbaar, verweesd en soms misschien zelfs vreemdeling in ons eigen land. Door corona en de maatregelen kunnen we ons zelfs onvrij voelen. Soms brengt de crisis mensen dichter bij elkaar, maar het lijkt ook alsof we tegen elkaar opgezet worden, om elkaar niet meer respecteren of elkaar zelfs minachten. Laten we daadwerkelijk een ‘samen-’leving zijn, want we redden het niet alleen. Het is een bijzonder moeilijke tijd voor ouderen, kwetsbaren, maar zeker ook jongeren.

Jeugd helpen
We zeggen wel eens “De jeugd heeft de toekomst”, maar de jeugd heeft ook onze aandacht nodig. Leerachterstanden, maar ook psychische problemen en soms ook oplopende spanningen in gezinnen, waarbij de jeugd beperkt naar school kan. We kunnen in deze crisis natuurlijk kijken naar de Rijksoverheid en wijzen naar elkaar, maar laten we vooral ook kijken waar we elkaar kunnen steunen of helpen. Laten we de jeugd een goede toekomst geven en ze helpen. Zij zijn daadwerkelijk onze toekomst.

Omzien in ontmoeting
Als politici moeten we niet wegvluchten voor onze verantwoordelijkheden. Niet op het gebied van de financiën, maar ook niet op andere gebieden, zoals zorg voor onze naasten, zorg voor de echte vluchteling. De Bijbel heeft ons een prachtig spreekwoord meegegeven: Wat gij wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander. Voor bestuurders geeft dit een extra verantwoordelijkheid: omzien naar alle mensen. Voor ons gaat het dus ook om de individuele schaal: de ontmoeting van mens tot mens.

Oproep tot naastenliefde
Rondom relatieproblemen of financiële problemen kunnen wij mensen onderdak geven. Een werkloze kunnen we aandacht geven. Hoewel wij de werkloosheidsproblematiek, de staat van relaties en de economie als individu niet kunnen veranderen. Het is een menselijke roeping om individuele zorg te geven. Caritas.

Bron: www.zwijndrecht.net 20-03-2021

Labels

« Terug

Reacties op 'Ik wou vluchten, maar ik kon nergens heen'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.